| Driekwart van alle mensen die
een beroerte krijgen, hebben hieraan voorafgaand kortdurende verschijnselen.
Deze verschijnselen, in medische termen TIA's (Transient
Ischemic Attacks) genoemd, zijn dus waarschuwingssignalen voor een beroerte.
Het is daarom belangrijk ze te kennen en serieus te nemen. Bij tijdige
behandeling bestaat de mogelijkheid een groot deel van de beroertes te
voorkomen. De verschijnselen kunnen zijn:
- - een kortdurende verlamming (meestal enkele minuten),
krachtsverlies, merkwaardige tintelingen of een doof gevoel in een arm,
hand of been
- - een periode van moeilijker kunnen spreken
- - een voorbijgaande blindheid aan één oog (niet aan
beide ogen dus!).
Dit alles zijn tekenen van een tijdelijk bloedtekort
in de hersenen.Het is verbazingwekkend hoe vaak de bovengenoemde
verschijnselen door diegene die het overkomt worden afgedaan als
onbelangrijk. Bij een kortdurende blindheid aan één oog wordt al gauw
gesproken van 'een vuiltje in het oog', of "het duurde zo kort dat ik maar
niet naar de dokter gegaan ben'. In geval van een later optredende beroerte
kan men met recht spreken van een gemiste kans.
Onderzoek
Uw huisarts en specialist zullen de aanvang en het
verloop van de klacht tot in de details willen horen, niet alleen van u maar
liefst ook van een familielid of kennis.
Bij het lichamelijk onderzoek zal in het bijzonder een oriënterend onderzoek
op zenuwuitval worden verricht. Ook zal geluisterd worden naar een geruis
over de halsslagader en het hart. Verder kan een EEG (elektro-encefalogram)
en een CT ( computertomogram) worden gemaakt om te kunnen zien of er al
schade van de hersenen is opgetreden. Ook zal er een uitgebreid Echoonderzoek
(Duplex) van de halsvaten gedaan worden. Hiermee kan de mate van vernauwing
nauwkeurig worden vastgesteld.
Risico's
Het vaststellen van de mate van vernauwing is belangrijk
omdat bekend is dat bij een vernauwing van groter dan 70% de risico's op een
beroerte sterk toenemen. In het eerste jaar na het optreden van TIA's of een
beroerte is de kans op een beroerte 1 0 tot 1 5%. Wordt de vernauwing bij
toeval gevonden en zijn er nog geen verschijnselen opgetreden dan is de kans
op een beroerte aanzienlijk kleiner, maar toch niet gering: 2-5% per jaar.
Behandeling
Op dit moment is de enige mogelijkheid om de vernauwing
in de halsslagader op te heffen een operatie. Nu is dit geen grote operatie,
maar ook geen operatie zonder risico. Dat zijn operaties nooit, maar het
wrange in dit geval is, dat het risico bestaat dat u door de operatie een
beroerte kan krijgen, terwijl het juist de bedoeling is die te voorkomen.
Bij 2 tot 3% van de operaties komt een beroerte voor. Is de operatie met
succes verricht, dan is de kans op een beroerte uiterst klein geworden.
Een alternatieve behandeling is het dagelijks innemen van
aspirine (Ascal). Dit vermindert de kans op het ontstaan van een embolie ten
gevolge van bloedpropjes. Het is echter duidelijk dat aspirine aan de
vernauwing zelf niets doet en dat u dus met een risico blijft rondlopen.
De operatie
U wordt twee dagen tevoren opgenomen om U voor te
bereiden op de operatie. Meestal komt de cardioloog langs om de laatste
dingen af te spreken. De dag van operatie worden ‘s morgens de EEG-dopjes op
uw hoofd geplakt voor de bewaking van de hersenen tijdens de operatie.
Daarna wordt U naar de operatiekamer gebracht
En krijgt U de anesthesie. Via een snede aan de zijkant
van de hals wordt de slagader opgezocht. U krijgt een bloedverdunnend
medicijn en de slagader wordt afgeklemd. Als het EEG aangeeft dat de
hersenen dit niet goed verdragen, wordt een klein plastic slangetje (shunt)
in het bloedvat gebracht. Dit dient als tijdelijke omloop voor het bloed
naar de hersenen tijdens het schoonmaken van de slagader. Meestal is een
shunt echter niet nodig en kan de halsslagader worden geopend en van binnen
worden schoongemaakt zonder speciale maatregelen. Na het schoonmaken wordt
de slagader weer gesloten, soms met behulp van een oppervlakkig stukje ader
uit de lies .Dit om te voorkomen dat de halsslagader bij het dichthechten
wordt vernauwd. Vervolgens worden de klemmen van de halsslagader verwijderd
en wordt de wond gesloten. Soms is het nodig een dun plastic slangetje c.q
drain) in de wond achter te laten om een bloeduitstorting te voorkomen. Deze
drain wordt al na één dag verwijderd. De operatie duurt (inclusief
voorbereidingen en wakker worden) circa 1 1/2 uur. Daarna verblijft u nog
ongeveer 30 minuten op de uitslaapkamer. Aanvankelijk bent u daar wat
slaperig en soms misselijk van de anesthesie. Er is weinig wondpijn en deze
kan zo nodig goed behandeld worden met pijnstillers. Hierna komt u in
principe 1 dag op de intensive care te liggen.
Complicaties
Behalve de reeds besproken kleine kans dat er tijdens of
vlak na de operatie een beroerte optreedt, zijn er nog andere mogelijke
complicaties. Omdat u aan de bloedvaten wordt geopereerd en tevens
bloedverdunnende medicijnen krijgt toegediend, bestaat er een verhoogd
risico op bloeding na de operatie. In dat geval is het soms nodig u terug te
brengen naar de operatiekamer om de bloeding te stelpen. Behalve deze tweede
operatie heeft dit geen nadelige gevolgen. Daarnaast zijn er ook nog andere
maar minder ernstige complicaties die eigenlijk bij alle operaties kunnen
voorkomen zoals: wondinfectie, beschadiging van zenuwen, trombose of
longembolie. Een longontsteking of een hartinfarct kan ook voorkomen, maar
door de grote aandacht, die erop gericht is deze complicaties te voorkomen
is de kans hierop gering (ongeveer 2 %)
Ontslag
Het ontslag volgt 3-5 dagen na de operatie. Na de
operatie dient U door te gaan met het gebruik van aspirine ( Ascal) . U
krijgt een poliklinische afspraak mee. Als leefregel geldt, dat U absoluut
niet mag roken en dat goede lichaamsbeweging en gezond eten belangrijk zijn
om terugkomen van de ziekte op de geopereerde of op een andere plaats te
voorkomen.
Vragen
Heeft U nog vragen neem dan contact op met
uw vaatchirurg
dr P.J. van Aken
dr J.A. Lawson |